KOEIEN
VERKAMPEN
Theo en ik hadden in een zelfde nacht dezelfde droom beleefd. Een varken had zich verschanst in de rechtse bedstee, en kwam de kamer in zoals John Wayne een saloon binnen kon vallen. Even snel en onverwacht was het varken weg en de droom als een zeepbel uiteengespat. Curieus, en zo was het ook met de droom van de koe in onze voortuin. Het rund vertrapte afrikaantjes en goudsbloemen en ging met zijn kont tegen het raam staan. Aan de bovenkant van zijn staart zat opgedroogde stront. Even bestond de vrees voor een achteruit inparkeren van het dier maar zover kwam het niet. Mogelijk was het verkampen van het vee van de buurman de voedingsbodem voor deze laatste droom. Wie er allemaal getuige van zijn geweest weten we niet meer maar op een dag in juli was het de hoogste tijd om de koeien van het weiland naast de sorteerhal van Goes te halen om ze naar het grasland dat dichter bij huis lag over te brengen. Pa was erbij, de buurman vanzelfsprekend en ik moest de eerste dam van de boomgaard van Goes bemannen, de enige dam zonder hek. “Koes, koes” riep Broekhuizen en de kudde, zo’n tien tot twaalf koeien kwam op hem afgerend en werd rustig en met beleid de Dijk opgestuurd. Tot zover ging alles goed. De beesten passeerden de dam zonder problemen maar net toen ik mijn plaats wilde verlaten kwam de laatste koe mijn kant op en er was geen houden meer aan. Wild en in de war liep ze langs me heen de boomgaard in. Als ze de appel - en pruimenbomen maar met rust zou laten en de goeie kant op zou blijven lopen was er een kans dat ze bij de volgende dam de boomgaard zou kunnen verlaten om zich weer bij de familie te voegen. Maar dan moest eerst dat hek open! De buurman liep in paniek het beest achterna en ik huppelde schuldbewust achter hem aan. De koe raakte in haar verwarring hier en daar takken van de tengere pruimenbomen en vond toen de fruitkweker op haar weg. Meneer Goes was woedend en riep tegen de buurman dat hij hem zou verzuipen en als zijn vrouw dat hem niet tot twee keer toe gillend had afgeraden was dat misschien wel gebeurd. De fruitkweker gooide nijdig het hek open en wij konden natrillend van angst onze weg vervolgen. Pa had ,,zijn” koeien inmiddels het andere weiland in gekregen en stond ons onwetend van ons avontuur en genietend van zijn sigaar, op te wachten.
Theo en ik hadden in een zelfde nacht dezelfde droom beleefd. Een varken had zich verschanst in de rechtse bedstee, en kwam de kamer in zoals John Wayne een saloon binnen kon vallen. Even snel en onverwacht was het varken weg en de droom als een zeepbel uiteengespat. Curieus, en zo was het ook met de droom van de koe in onze voortuin. Het rund vertrapte afrikaantjes en goudsbloemen en ging met zijn kont tegen het raam staan. Aan de bovenkant van zijn staart zat opgedroogde stront. Even bestond de vrees voor een achteruit inparkeren van het dier maar zover kwam het niet. Mogelijk was het verkampen van het vee van de buurman de voedingsbodem voor deze laatste droom. Wie er allemaal getuige van zijn geweest weten we niet meer maar op een dag in juli was het de hoogste tijd om de koeien van het weiland naast de sorteerhal van Goes te halen om ze naar het grasland dat dichter bij huis lag over te brengen. Pa was erbij, de buurman vanzelfsprekend en ik moest de eerste dam van de boomgaard van Goes bemannen, de enige dam zonder hek. “Koes, koes” riep Broekhuizen en de kudde, zo’n tien tot twaalf koeien kwam op hem afgerend en werd rustig en met beleid de Dijk opgestuurd. Tot zover ging alles goed. De beesten passeerden de dam zonder problemen maar net toen ik mijn plaats wilde verlaten kwam de laatste koe mijn kant op en er was geen houden meer aan. Wild en in de war liep ze langs me heen de boomgaard in. Als ze de appel - en pruimenbomen maar met rust zou laten en de goeie kant op zou blijven lopen was er een kans dat ze bij de volgende dam de boomgaard zou kunnen verlaten om zich weer bij de familie te voegen. Maar dan moest eerst dat hek open! De buurman liep in paniek het beest achterna en ik huppelde schuldbewust achter hem aan. De koe raakte in haar verwarring hier en daar takken van de tengere pruimenbomen en vond toen de fruitkweker op haar weg. Meneer Goes was woedend en riep tegen de buurman dat hij hem zou verzuipen en als zijn vrouw dat hem niet tot twee keer toe gillend had afgeraden was dat misschien wel gebeurd. De fruitkweker gooide nijdig het hek open en wij konden natrillend van angst onze weg vervolgen. Pa had ,,zijn” koeien inmiddels het andere weiland in gekregen en stond ons onwetend van ons avontuur en genietend van zijn sigaar, op te wachten.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten