woensdag 28 november 2012


ROOKWORST

Misschien was het wel op de dag waarop we kromme spijkers recht hadden geslagen. Er moest iets gerepareerd worden aan de schuur, staat me bij. Het was altijd gezellig, bij Bednorz en we mochten
die avond mee-eten. Maar moesten we eerst de geit niet verpinnen en de duiven voeren? Wij hadden dat thuis niet, zoveel beesten. Niet meer dan een paar konijnen waren we rijk. Twee stomme dieren die altijd maar dezelfde grimassen trokken en klaver en doorgeschoten sla naar binnen werkten, en dat allemaal om met kerstmis in stukken op tafel te belanden. Voorbij de duiven en de geit, achter op het land van de familie Bednorz, aan de rand van het weiland van Cor de Gier, stonden struiken met overheerlijke kruisbessen die bijna rijp het lekkerst waren. Ook stonden er braamstruiken. De oogst daarvan verwerkte mevrouw Bednorz in toetjes of deed ze op zelfgebakken cake met slagroom. Erik, de oudste en voor ons nog altijd Rik, speelde gitaar en had evenals Gerda en Siem les van de populaire meester Becker, één van die (weinige) onderwijzers die buiten roosters en saaie boekjes om les kon geven, ook ná schooltijd. Meester Poker en meester Kuiper beheersten dat ook. Zij waren de krenten in de pap, de rookworsten op de boerenkool. En dát was wat we aten die avond bij Rik thuis. Meneer Bednorz schepte boerenkool op en toen kwam het……Was die rookworst voor ons alleen? De vader van Rik zag onze blikken vol ongeloof en knikte ons toe en deed zijn ogen daarbij even dicht. Ja, die grote stukken worst waren voor ons! Soms leerden we op één avond meer dan in een heel schooljaar.     

Geen opmerkingen:

Een reactie posten