donderdag 23 februari 2012

“Ja ja, het is me wat moois”, klinkt het meer dan eens onderweg en meestal in een stille straat, maar vraag me niet waar dat “wat moois” op van toepassing is lezer, ook al zou ik dat als eerste en enige kunnen weten. Soms valt dat zinnetje uit mijn mond als een druppel water uit de kraan, als een poststuk uit een bundel. “Ja ja, het is me wat moois”. Ooit had ik een werkgever die het dikwijls “een fraaie boel” vond. Toen ik dat voor de eerste keer van hem hoorde keek ik alle kanten uit en probeerde ik die “fraaie boel” te ontdekken.”Ja ja, het is me wat moois”, maar wat een merkwaardige gewoonte. Waarom is dat? Is het een reactie op de vele gedachten die er in het hoofd kunnen rondspoken? Of is het de punt achter een overpeinzing? “Ja ja, het is me wat moois”. En ís het dan ook wat moois? Of is het verre van mooi? Als er sprake is van iets moois, gebruik ik die woorden niet… Ik krijg een schrijven onder ogen van het postbedrijf. Een reactie op mijn afwijzingen op de aanbiedingen die mij zijn gedaan om met ingang van 19 maart in de nacht te komen werken. Na het bericht te hebben gelezen neem ik het besluit om er voorlopig geen woorden aan vuil te maken. Maar ze liggen op het puntje van mijn tong…      

Geen opmerkingen:

Een reactie posten