donderdag 27 december 2012


POEPEN IN DE GROEP


Dijklopers, mensen van de Dijk waren schilderachtig en hadden soms vreemde gewoontes. Ik moet daarover schrijven, daar helpt geen lieve moeder aan. Of wel? Moeder schreef ook; brieven en gedichten, menigmaal tussen twee ,,wasjes” door…..Zij had een scherp oog voor de natuur en leefde mee met iedereen daarin, zeker ook met de meest kwetsbare medemens. Of buurman Broekhuizen toen méér kwetsbaar was dan anderen dat vraag ik me af. Wel was “Broekie” vaak de kop van Jut, oftewel de pispaal. Hij was een keuterboer met nóg twee bijnamen, “Tààioo” en “Dorus”, met weiland tussen Van Kuik en De Heus, later Vermeulen, en naast de sorteerplaats (de hal) van fruitkweker Goes had hij nóg een stukje grasland. Eens per jaar moesten de koeien verkampt, meer dáárover een andere keer. Rond kerstmis stond het vee alweer een poosje op stal, achter op het bouwland tussen Koot en Van Londen. Wij mochten daar graag wat rondhangen maar staken er ook een handje toe. Na melktijd, als de avond was gevallen huppelden we voorbij de kale bonenstaken en de laatste boerenkool, voor de beerput en het varkenshok langs, naar de stal met de dampende koeien. Het was er aangenaam warm. Meestal hielden we ons bezig met het malen van voederbieten en zetten we de beesten hooi of lijnkoeken voor. Soms moest er een koe niesen en probeerden we dat geluid dat steeds op onze lachspieren werkte, te imiteren. De buurman hield zich bezig met het overgieten van melk, gaf ons aanwijzingen, zette in de schraal verlichte ruimte hier en daar een lantaarntje bij en stopte zijn pijpje. Ach, de geur van een stal met koeien; daar kon en kan geen parfum tegenop. Nog altijd als ik langs een boerderij kom en de staldeuren staan open moet ik even bij de beesten kijken en diep inhaleren. Op één van die bezoekjes aan de stal van de buurman ging dat genot een ogenblik over in walging. Broekhuizen moest “effe un àài aflegge” zo liet hij weten en…..poepte in de groep. Daar zat hij plotseling tussen de koeien met zijn lange onderbroek op zijn enkels; alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Toen wij van de eerste schrik waren bekomen kregen we de slappe lach en “Broekie” lachte even hard mee. Precies nog in het oude jaar waren we weer een verhaal rijker. 


Geen opmerkingen:

Een reactie posten