Jij fietst ook wat af, zegt de één en de ander heeft het
over een hulpmotortje dat ik zou moeten aanschaffen. Maar zo hulpbehoevend ben
ik nog niet en bovendien is het mijn eer te na. Brommen doe ik zelf wel als er
iets te brommen valt. Iemand vraagt me naar de Paradijstuinen, dat is een ander
geluid. De mens mag dan volgens een oud verhaal uit het paradijs zijn verjaagd
maar in de Paradijstuinen zijn er weer soortgenoten neergestreken. Het is
verderop meneer, waar ooit het sportpark was gelegen. Fletiomare. West
welteverstaan. Als u goed luistert
hoort u de stemmen van dikke Piet en van Jan, Eef, Gert, Ben, Jaques, Wim, Ed,
Cees en al die anderen opklinken. Ja, een thuiswedstrijd. Ach, kon ik nog maar
één keer een corner nemen of een vrije trap. Dat zou me nog wel lukken. Het was
een mooie tijd. Paradijselijk misschien wel.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten