vrijdag 16 december 2011

Bakken regen, bergen post en dan is er nog de wind…Wat is een mens toch rijk. ,,Je treft het niet”, zegt een man die de straat oversteekt, op weg naar zijn auto. Ik zeg hem maar niet dat ik juist aan vrouw en kinderen liep te denken en zeg hem ook niet dat als ik het niet tref, niemand het treft. Nee, de man die de straat oversteekt en rammelt met zijn autosleutels heeft haast of hij is bang voor de regen, of allebei en wil alleen “zegt u dat wel” van me horen en ik kom hem tegemoet, praat hem dus naar de mond en zeg: zegt u dat wel. Verder is het maar stil op straat maar dan, vanuit die stilte, klinkt het plotseling “hohoho”, ik schrik ervan. Het is een kerstman, een van de vele, ze hangen aan bomen, daklijsten en vlaggenstokken, maar deze is bevestigd aan de deur, juist boven de brievenbus en zegt dus hohoho en ik geef hem een ,,niks, hohoho of breng jij het papier weg?” Maar dan valt mijn oog op het venster en daarmee op een complete stad…….Dit is de stad van Dickens,  de stad van A Christmas Carol. Dat zal Scrooge zijn en daar is Cratchit, de klerk en is dat kleine ventje niet Tiny Tim? Allemachtig, ik heb de kerstverhalen nog; Het Carillon, De Bezeten Man, De Krekel bij de Haard…Die moest ik maar weer eens fijn gaan lezen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten