Uit de schuur geklapt
NOTITIES VANUIT DE SCHUUR
Met de muziek mee 22
Getroffen door een sopraan
Mijn moeder hield van een mannenstem, die van Marco Bakker kon ze wel
waarderen, terwijl mijn vaders voorkeur naar de zang van Christine Deutekom uitging, een vrouw
bovendien die hij - ‘wat een charmante verschijning’- graag zag. Deze week
luisterde ik weer eens naar de muziek van Edvard Grieg (1843 - 1907 ) en werd
daarbij voor het eerst getroffen door de zang van de Noorse sopraan Marita
Solberg.
Solveig’s Song uit de Peer Gynt Suite no. 2. is het lied van Peer’s
jeugdliefde die bijna een leven lang op de rusteloze fantast blijft wachten.
Een lied van eenzaamheid en verlangen. Zonder ook maar de geringste opsmuk en
overacting, maar eenvoudig, beheerst en haarzuiver doet Solberg de tekst van
Ibsen en de compositie van Grieg alle eer aan. Haar optreden in de openlucht
van Berlijn begeleid door de fameuze Berliner Philharmoniker o.l.v. Neeme Järvi
is een belevenis, het herbeleven waard. Je vraagt je, ingepalmd door sopraan en
orkest, spontaan en bijna hardop af wat of die Peer Gynt mankeerde om pas aan
het einde van zijn leven naar zijn jeugdliefde terug te keren.
Grieg heeft meer moois gemaakt; zijn pianoconcert is sinds de première in 1872
steeds een succes geweest en wordt veelvuldig uitgevoerd, de Holberg - en de
Lyric Suite eveneens. In de meeslepende song Last Spring dat ook orkestrale
versies kent is ze weer terug, Marita Solberg, en geeft ze nogmaals haar
visitekaartje af. Ook Solveig’s Cradle Song is wonderschoon en zelfs wanneer je
teksten niet altijd kunt volgen zoals die in de aria’s uit de opera Alessandro van
Haendel die de Noorse nagtegaal ten gehore brengt, blijf je naar haar luisteren. Ik heb het
eerder gezegd: als er een god bestaat is het een vrouw. Misschien wel een
sopraan.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten